De ene taal is makkelijker aan te leren is dan de ander. Dit wordt mede bepaald door culturele verschillen, hoge en lage context talen en culture awareness van de leerling. Mijn blog over dyslexie en meertaligheid riep veel reacties op. Interessant om van ouders te horen, hoe hun zoon of dochter hiermee reilt en zeilt in het buitenland. Het feit dat de ene taal makkelijker aan te leren is dan de ander, zette me aan het denken.

Namelijk over het feit dat het leren van een taal in verschillende culturen verschillend is en het succes hiervan mede bepalend is, of je dit vanuit je Nederlandse cultuur kan begrijpen en oppikken. Cultuur klinkt door in een taal en dan niet alleen letterlijk.

Verloopt het Nederlands leren of bijhouden hetzelfde voor een kind in Europa of Zuid-Amerika als voor een kind in een heel ander deel van de wereld zoals bijvoorbeeld in Azië? Als Nederlanders hebben we duidelijk een andere communicatiestijl dan bijvoorbeeld in Japan.

Om deze vraag te kunnen beantwoorden ben ik eerst op zoek gegaan naar culturele verschillen in talen. Via Instagram werd ik bovendien geattendeerd op hoge en lage contexttalen, wat een hele interessante invalshoek biedt. Deze concepten werden geïntroduceerd door de antropoloog Edward T. Hall in 1976 in zijn boek Beyond Culture.

Culturele verschillen in talen: Hoge context versus lage context communicatie

Zo simpel mogelijk gezegd is de hoogte van de context een maat hoe belangrijk de context is in de communicatie.

Lage context communicatie

In een lage context-cultuur zal het bericht worden geïnterpreteerd door middel van alleen de woorden en hun expliciete betekenis. De verantwoordelijkheid om te begrijpen is voor de afzender van de boodschap, die moeten werken om duidelijk en volledig te zijn.

Een lage context-cultuur is minder hecht. Daarom is het noodzakelijk dat meer expliciete informatie moet worden opgenomen in het bericht, zodat het niet verkeerd wordt geïnterpreteerd.

Laag-context-communiceren vind je voornamelijk in de Angelsaksische and Scandinavische culturen: zoals bijvoorbeeld Nederland, Duitsland, Oostenrijk en de Scandinavische landen.

Hoge context communicatie

In een hoge context cultuur worden berichten niet alleen door woorden maar ook geïnterpreteerd met behulp van toon van de stem, gebaar, stilte of impliciete betekenis, evenals context of situatie. De ontvanger zal de situatie, berichten en culturele normen moeten gebruiken om de boodschap te begrijpen.

Een hoge context cultuur is relationeel, collectivistisch, intuïtief en beschouwend. De groep gaat boven het individu en de cultuur en taal zijn gericht op intermenselijke relaties. Vooral Aziatische en Arabische culturen zijn meesters in het overbrengen van informatie zonder veel of relevante woorden te gebruiken.

Variaties in context van de taal

Een cultuur hoeft niet 100% het één, of 100% het ander te zijn. Maar, als je een cultuur en daarmee ook de taal wil benoemen, is het een bruikbaar uitgangspunt.

Niet alle personen in een cultuur kunnen 100% worden gedefinieerd door culturele stereotypen. Bijvoorbeeld, Hall beschrijft hoe de Japanse cultuur lage en hoge context situaties kent.

Het Japans staat bekend om zijn representatieve sociale structuur met allerlei registers. Er bestaat verschil tussen mannelijke en vrouwelijke variaties en de verschillende niveaus van rangen. De taal heeft drie taalniveaus: laag, gewoon en hoog. Laag gebruikt men tegenover sprekers van lagere rang, hoog tegenover hoger geplaatsten. Dus tegen vrienden spreekt men een ander type Japans dan tegenover een werkgever.

Verschillen tijdens de lessen

Kunnen we dan met ons Nederlands volstaan met u en je? Zelfs binnen Europa kan dat al onbegrip opleveren. Zo vroeg een leerling mij uit de VK eens het verschil tussen u en je en vooral wanneer je de verschillende vormen dan gebruikt. Ik kwam niet heel veel verder dan de basisuitleg en de aanvulling dat onze beleefdheidsvormen in de taal wel bestaan, maar in het gebruik er voor een groot deel zijn uitgesleten. Welke jongere in Nederland spreekt bijvoorbeeld een leerkracht nog aan met u?

In mijn lessen word ik door Nederlandse kinderen uit de VK allereerst altijd met u aangesproken. Bovendien overvalt me hun beleefdheid, op een aangename manier. Lastiger is het om van deze kinderen feedback te krijgen, omdat dit een directheid vraagt die zij (nog) niet kennen.

Een ander voorbeeld uit de praktijk van een collega van mij. Kinderen die al lang in China wonen, kun je vragen of ze je uitleg hebben begrepen, maar als ze ‘ja’ zeggen weet je dat nog niet zeker of dat zo is. Ze kunnen uit beleefdheid ‘ja’ zeggen, omdat ze jou bijvoorbeeld niet willen belasten met extra uitleg of misschien bang zijn jou te beledigen omdat ze jouw uitleg niet snappen. Je moet dan doorvragen, om zeker te weten of ze het snappen. Of je besluit die vraag helemaal niet te stellen en er door middel van een quiz of oefening achter te komen.

Jouw kind(eren)

Uiteraard en vooral ben ik erg benieuwd hoe jij en jouw kind dit ervaart? Wonen jullie in Zuid-Amerika of Azië? Merken jullie verschillen in het taal leren door de cultuur waarin jullie nu leven? En zo ja, wat valt jullie op? Merk je ook dat dit invloed heeft op de manier waarop je kind het Nederlands gebruikt?

Laat het me weten en dan vul ik deze blog aan met jullie bevindingen en eventuele verklaringen die ik kan vinden vanuit de theorie en onderzoeken die zijn gedaan. Je kunt onder mijn blog, of onder het bericht op social media je ervaringen achterlaten of mij e-mailen op dutchforchildren@gmail.com.

Ik hoor graag van jullie!

Uitleg hoge en lage context communicatie

Wil je nog een keer de uitleg over high- en low-context communicatie horen, luister dan hier naar de uitleg van Globalizen.